maandag 8 december 2014

Vleugels


Het is nog steeds een mooie oude kerstengel. Mijn moeder heeft het ergens in de jaren zeventig bij de Hema gekocht. Ik heb het ooit meegenomen omdat het in mijn huis niet weer terug in de doos hoefde na de feestdagen. Heel lang stond ze op diverse plekken mooi te wezen. Maar ik nam een poes in huis. En nog een. En nog een. En nog drie. En nog een. En nog twee. Voor hen was de engel gewoon een obstakel op de schouw. Op een dag lag ze op de grond. Gebroken, maar niet onherstelbaar stuk. "Neem maar mee," zo zei mijn moeder toen ik haar aan de telefoon liet weten dat de poezen de engel een beetje hadden beschadigd. "Je vader lijmt het wel weer netjes vast." Zo gezegd, zo gedaan. Ik zette de engel op de tafel in de achterkamer en mijn vader ging ermee aan de slag. Mijn moeder was in de keuken bezig en ik zat in de huiskamer met de honden. "Het is klaar," zo liet mijn vader weten, "het moet alleen nog even drogen." Oh, ok, zo antwoordde ik. Op een gegeven moment stond ik op om naar de keuken te gaan, en in het passeren wierp ik een blik op de tafel. Ik keek naar de engel en kon mijn ogen niet geloven. Mijn vader was ondertussen in de schuur met iets bezig, en ik riep "snel, snel komen" naar mijn moeder. Ik wees naar de engel en de vleugels en kreeg ineens de slappe lach. Ook mijn moeder barstte in een onbedaarlijk lachen uit. Mijn vader had niets in de gaten, hij was druk bezig in de schuur en kon ons sowieso niet horen (gehoorapparaten niet in). 

De foto hierboven is een soort van reconstructie van hoe hij de vleugeltopjes gelijmd had. Want de engel kreeg een paar maanden geleden namelijk voor de tweede keer een douw, het rechtertopje viel er af. Dat heeft tot vanavond in een la gelegen. Ook de andere kant bleek makkelijk los te halen, dus vanavond, ter illustratie van dit verhaal, heb ik de situatie van toen nagebootst. Dit is wat mijn moeder en ik die bewuste middag zagen. 

Terug naar toen.
Tussen de lachsalvo's door heb ik de topjes los getrokken en op de juiste vleugel geplaatst, ook de overtollige lijm werd weggepoetst. Ik heb toen geen foto gemaakt van wat mijn vader ervan brouwde, omdat ik dacht dat er weinig tijd was in verband met het uitharden van de lijm. Je beseft op zo'n moment overigens echt wel wat er aan de hand is. Alzheimer. Deze ooit zo handige man kon nu niet eens meer iets eenvoudigs als twee vleugeltopjes lijmen. Dat is eigenlijk heel verdrietig, heel triest. Maar het zag er tegelijkertijd ook erg komisch uit. Mijn moeder en ik beginnen nog steeds te lachen als we er aan denken! Het mooie (of trieste) was, dat toen mijn vader weer naar binnen kwam en naar de engel keek om te checken of de lijm was uitgehard, hij helemaal niet door had dat de topjes anders op hun plek zaten. Of liever gezegd, dit keer op de juiste plek. Hij had helemaal niks door. Dat maakte dat mijn moeder en ik opnieuw moesten lachen. De slappe lach, hè. Maar in wezen was het uiteraard helemaal niet komisch, want dit is wat Alzheimer met mensen doet. Het ontneemt ze al hun vaardigheden en kennis, en maakt ze als het ware vleugellam.



Geen opmerkingen: