Ligt Souris na enkele eerste krolse dagen lui op de bank. Het is de eerste dag van een nieuw jaar. Klara radio kabbelt lichte klassiek en gevoelige jazz, Rieu-achtige Strauß en het gouden keeltje van een jonge Sara Vaughan. Sneeuw boetseert de auto in een grote abstracte klomp, vogels laten mooi hun kleine sporen achter als ze vrolijk tjilpend rondhuppelen, alsof ook zij de jaarwisseling vieren.Het dorp is stil. Toen we daarstraks met de honden gingen wandelen, kwamen we slechts sporadisch een enkeling tegen. Luister, je hoort de stilte. Welk een voorrecht en zeldzaam genoegen!
Voornemens heb ik niet, voor 2010 oftewel MMX. Wel leg ik bepaalde internetactiviteiten aan banden. Van Twitter en Facebook heb ik enkele dagen geleden afscheid genomen, al kan ik naar Facebook nog altijd terug, als een prodigal daughter vol berouw van haar dwalen. Geen idee of dat er ooit van komen gaat. Het was alsof er een last van me afviel toen ik besloot met sociaal internetwerken te stoppen.
Ik verwelkom de rust en stilte. En vooral de ruimte. Ruimte om anders te doen, te zijn en te leven. Misschien gewoon weer "echt"?
Na bijna een decennium online actief zijn, werd het tijd om een balans op te maken. Tenminste, zo vond ik zelf. Er is veel dat me stoort in 'ons' modern leven, deze jachtige maatschappij. Dus werp je al wat knelt en belast van je af.
Het is geen voornemen voor het nieuwe jaar, maar het voortzetten van een queeste die in de kindertijd al als een mantra in het hoofdje zong. Kwaliteit van leven, gewoon gelukkig zijn. Rijkdom vinden in de schoonheid van kleine dingen, kleine daden, verfrissende gedachten. Groots door de eenvoud wellicht van hen die de vonkjes veroorzaken. Een dorpeling die zijn paard uit een modderig weiland leidt. Het half onsje extra pain d'ardenne bij de scharrelslager.
Vlees gaat er beslist veel minder bij ons op tafel komen. In de volgende jaren.
In dit digitale tijdperk zijn communicatie en contact zienderogen (met leesbril) van hun oorspronkelijke betekenis losgeweekt. Noem het de kleine lettertjes die als in een vergeten sekte clandestien hun stamrecht declameren. Als roependen in een woestenij.
Nee. Nooit eerder heb ik dit woord zo veelvuldig gebezigd, in gedachten, bij de optelsom of het allemaal wel zo relevant is. Nee.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten